Statuten

Artikel 1. - NAAM
De vereniging draagt de naam: "Boekelose Tennis Club"
Zij is op 1 april 1968 opgericht.

Artikel 2. - ZETEL
Zij heeft haar zetel te Boekelo, Gemeente Enschede.

Artikel 3. - DOEL
1. De vereniging stelt zich ten doel het doen beoefenen en het bevorderen van het lawn-tennisspel.
2. De vereniging tracht dit doel ondermeer te bereiken door:
a. Het geven van gelegenheid tot het beoefenen van het lawn-tennisspel;
b. Het vormen van een band tussen haar leden;
c. Het maken van propaganda voor het lawn-tennisspel;
d. Het vertegenwoordigen van haar leden tegenover de Koninklijke Nederlandse Lawn Tennis Bond, bij welke bond zij aangesloten is;
e. Het nemen van alle maatregelen, welke kunnen leiden tot het verhogen van het spelpeil van de leden der vereniging;
f. Het uitschrijven van- en deelnemen aan wedstrijden, speciaal ook door het deelnemen aan de door de Koninklijke Nederlandse Lawn Tennis Bond georganiseerde kompetitie;
g. Het verbreiden van de regels van het lawn-tennisspel onder de leden;
h. Alle wettig geoorloofde middelen, welke haar verder ten dienste zullen staan.

Artikel 4. - DUUR
De vereniging is aangegaan voor onbepaalde tijd.

Artikel 5. - LEDEN
1. Senior-leden zijn natuurlijke personen die in de vereniging speelrecht hebben en op de eerste januari van het kalenderjaar de zeventienjarige leeftijd hebben bereikt.
2. Buitenleden zijn senior-leden die tijdelijk buiten Boekelo woonachtig zijn, maar door een fami-lie/gezinsbin¬ding op geregelde tijden gedurende één of meerdere dagen per maand in Boekelo aanwezig zijn.
3. Ereleden zijn zij, die zich op bijzonder eervolle wijze jegens de vereniging onderscheiden hebben, en leden van verdiensten zijn zij, die zich jegens de vereniging bijzonder verdienstelijk hebben gemaakt en die tot erelid dan wel lid van verdiensten zijn benoemd bij besluit door de algemene vergadering, opgenomen met een meerderheid van tenminste twee/derde van de geldig uitgebrachte stemmen.
Ereleden en leden van verdiensten hebben dezelfde rechten en verplichtingen als in de wet en deze statuten aan seniorleden zijn toegekend, met inachtneming van artikel - 10 lid 2.
4. Ondersteunende leden zijn zij, die in de vereniging geen speelrecht hebben, doch die zich bereid hebben verklaard de vereniging geldelijk of anderzins te steunen.
Zij hebben dezelfde rechten en verplichtingen als in de wet en deze statuten aan seniorleden zijn toegekend en opgelegd, met dien verstande dat zij:
geen stemrecht hebben, niet tot bestuurslid kunnen worden benoemd, noch de bevoegdheid hebben als bedoeld in artikel - 11 lid 4.
Bij een stemming in de algemene vergadering hebben zij een adviserende stem.
5. Het bestuur houdt een register, waarin de namen en adressen van alle leden zijn opgenomen. Zij, die op de zwarte lijst van de Koninklijke Nederlandse Lawn Tennis Bond voorkomen, of door het bestuur van de Koninklijke Nederlandse Lawn Tennis Bond geschorst zijn, kunnen geen lid van de vereniging zijn.
Zij die deze sport als beroep uitoefenen kunnen geen lid zijn.

Artikel 6. - ASPIRANTLEDEN
1. Aspirantleden zijn natuurlijke personen, die in de vereniging speelrecht hebben en op de eerste januari van het kalenderjaar de zeventienjarige leeftijd nog niet hebben bereikt.
2. Aspirantleden hebben dezelfde rechten en verplichtingen als in de wet en deze statuten aan seniorleden zijn toegekend en opgelegd met dien verstande, dat zij:
geen stemrecht hebben en niet tot bestuurslid kunnen worden benoemd.
Bij een stemming in de algemene vergadering hebben zij een adviserende stem.

 
Artikel 7. - TOELATING
1. Het bestuur beslist omtrent de toelating van seniorleden, buiten-leden, aspirantleden en ondersteu¬nende leden.
2. Bij niet-toelating tot lid kan de algemene vergadering alsnog tot toelating besluiten.
Een dergelijk besluit tot toelating behoeft tenminste twee/derde der geldig uitgebrachte stemmen.
3. De toelating door het bestuur en/of de algemene vergadering geschiedt slechts op een onderteken¬de schriftelijke aanvrage, waarin naam, voornamen, adres, geboortedatum- en jaar vermeld zijn.
Een aanvrage van een minderjarige moet tevens ondertekend zijn door hen, die de ouderlijke macht of voogdij uitoefenen.

Artikel 8. - EINDE VAN HET LIDMAATSCHAP
1. Het lidmaatschap eindigt:
a. door het overlijden van het lid;
 b. door opzegging van het lid;
c. door opzegging namens de vereniging.
Deze kan geschieden, wanneer een lid heeft opgehouden aan de vereisten voor het lidmaatschap, bij de statuten gesteld, te voldoen; wanneer hij zijn verplichtingen namens de vereniging niet nakomt, alsook wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren.
d. Door ontzetting.
Deze kan alleen worden uitgesproken wanneer een lid in strijd met de statuten, reglemen¬ten of besluiten handelt of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt.
e. door het verlies van het lidmaatschap van de Koninklijke Nederlandse Lawn Tennis Bond.
Schorsing als lid van de Koninklijke Nederlandse Lawn Tennis Bond brengt schorsing als lid der vereniging mee.
2. Opzegging van het lidmaatschap door het lid kan slechts schriftelijk geschieden tegen het einde van een verenigingsjaar en met inachtneming van een opzeggingstermijn van vier weken.
Echter kan het lidmaatschap onmiddellijk worden beëindigd, indien van de vereniging of het lid redelijker¬wijs niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren; over het al dan niet redelijk zijn besluit het bestuur.
3. Een opzegging in strijd met het bepaalde in het vorige lid, doet het lidmaatschap eindigen op het vroegst toegelaten tijdstip volgende op de datum waartegen was opgezegd.
4. Een lid is niet bevoegd door opzegging van zijn lidmaatschap een besluit, waarbij de verplichtingen van de leden van geldelijke aard zijn verzwaard, te zijnen opzichte uit te sluiten.
5. Opzegging namens de vereniging geschiedt schriftelijk door het bestuur.
6. Ontzetting uit het lidmaatschap geschiedt door een besluit van de algemene vergadering, mits met een meerderheid van twee/derde der geldig uitgebrachte stemmen.
7. Van een besluit tot opzegging van het lidmaatschap namens de vereniging, op grond dat redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren, staat de betrokkene binnen één maand na de ontvangst van de kennisgeving van het besluit beroep open op de algemene vergadering. Hij wordt daartoe ten spoedigste schriftelijk van het besluit met opgave van redenen in kennis gesteld.
Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst.
8. Wanneer het lidmaatschap in de loop van het verenigingsjaar eindigt, blijft desalniettemin de jaarlijkse bijdrage voor het geheel verschuldigd.
9. Leden, die handelen in strijd met statuten en/of huishoudelijk reglement van de verniging of die zich niet gedragen naar de besluiten van de algemene vergadering of naar de besluiten die het bestuur van de vereniging krachtens de statuten of ingevolge opdracht van de algemene vergadering genomen heeft, kunnen door het bestuur worden geschorst voor maximaal vier weken.
Bij een schorsing voor een langere periode dient het bestuur aan de algemene vergadering een voorstel te doen tot ontzetting uit het lidmaatschap.
Geschorste leden zijn verstoken van alle rechten, welke uit het lidmaatschap voortvloeien, doch behouden het recht op de algemene vergadering, waar hun schorsing en/of voorgestelde ontzetting wordt behandeld, aan de beraadslagingen deel te nemen.

Artikel 9. - EINDE VAN DE RECHTEN EN VERPLICHTINGEN VAN ASPIRANT-LEDEN
1. De rechten en verplichtingen van een aspirantlid kunnen te allen tijde wederzijds door opzegging worden beëindigd, behoudens dat de jaarlijkse bijdrage over het lopende verenigingsjaar voor het geheel blijft verschuldigd.
2. Opzegging namens de vereniging geschiedt door het bestuur.

 
Artikel 10. - JAARLIJKSE BIJDRAGEN
1. De seniorleden en aspirantleden zijn gehouden tot het betalen van een jaarlijkse bijdrage, welke door de algemene vergadering zal worden vastgesteld.
Zij kunnen daartoe in categorieën worden ingedeeld, welke een verschillende bijdrage betalen.
2. Ereleden en leden van verdiensten zijn vrijgesteld van de verplichting tot betaling van contributie.
3. Nieuw toegetreden leden betalen entreegeld.
4. Het bestuur is bevoegd in bijzondere gevallen gehele of gedeeltelijke ontheffing van de verplichting tot het betalen van een bijdrage casu quo entreegelden te verlenen.
5. Naast de in lid 1 van dit artikel genoemde contributie betalen senior- en aspirantleden en betalen ereleden en leden van verdiensten de K.N.L.T.B.-contributie, welke door de vereniging aan de K.N.L.T.B. wordt afgedragen.

Artikel 11. - ALGEMENE VERGADERINGEN
1. Aan de algemene vergadering komen in de vereniging alle bevoegdheden toe, welke niet door de wet of in de statuten aan het bestuur zijn opgedragen.
2. Jaarlijks, uiterlijk in de maand januari wordt een algemene vergadering - de jaarvergadering - gehouden. Het verenigingsjaar is gelijk aan het kalenderjaar.
In de jaarvergadering kunnen onder meer aan de orde komen:
a. de notulen van de laatsgehouden algemene vergadering;
b. het jaarverslag en de rekening en verantwoording, bedoeld in artikel 20, met het verslag van de aldaar bedoelde commissie;
c. de benoeming van de in artikel 20 genoemde commissie voor het volgende verenigingsjaar;
d. vaststelling van de contributie en entreegeld;
e. de verkiezing van de voorzitter van het bestuur;
f. de verkiezing van de andere bestuursleden;
g. vaststelling van de begroting;
g. voorstellen van het bestuur van commissies of van de leden, aangekondigd bij de oproe¬ping voor de vergadering.
3. Andere algemene vergaderingen worden gehouden zo dikwijls het bestuur dit wenselijk oordeelt.
4. Voorts is het bestuur op schriftelijk verzoek van tenminste een zodanig aantal leden als bevoegd is tot het uitbrengen van één/tiende gedeelte der stemmen verplicht tot het bijeenroepen van een algemene vergadering, waarvan de datum dient te worden vastgesteld, op een termijn van niet langer dan vier weken na datum van het verzoek.
Indien binnen veertien dagen na de datum van het verzoek, aan dit verzoek geen gevolg wordt gegeven, middels verzending van een convocatie door het bestuur, kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan door oproeping overeenkomstig artikel 15 of bij advertentie in tenminste een ter plaatse, waar de vereniging haar zetel heeft, veel gelezen dagblad.

Artikel 12. - TOEGANG EN STEMRECHT
1. Toegang tot de algemene vergadering hebben alle leden der vereniging, alsmede alle aspirantleden. Geen toegang hebben geschorste leden en geschorste bestuursleden.
2. Over toelating van andere dan de in lid 1 bedoelde personen beslist het bestuur.
3. Ieder lid van de vereniging dat niet geschorst is, heeft één stem.
Een buitenlid dat niet geschorst is, heeft één adviserende stem.

Artikel 13. - VOORZITTERSCHAP - NOTULEN
1. De algemene vergaderingen worden geleid door de voorzitter van de vereniging of zijn plaatsver¬vanger. Ontbreken de voorzitter en zijn plaatsvervanger, dan treedt één der andere bestuursleden, door het bestuur aan te wijzen, als voorzitter op.
Wordt ook op deze wijze niet in het voorzitterschap voorzien, dan voorziet de vergadering zelve daarin.
2. Van het verhandelde in elke vergadering worden door de secretaris, of een ander door de voorzitter daartoe aangewezen persoon, notulen gemaakt die door de voorzitter en de notulist worden vastgesteld en ondertekend. Zij, die de vergadering bijeenroepen, kunnen een notariëel proces-verbaal van het verhandelde doen opmaken.
De inhoud van de notulen of van het proces-verbaal wordt ter kennis van de leden gebracht.


Artikel 14. - BESLUITVORMING VAN DE ALGEMENE VERGADERING
1. Het ter algemene vergadering uitgesproken oordeel van de voorzitter dat door de vergadering een besluit is genomen, is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit, voorzover gestemd werd over een niet-schriftelijk vastgelegd voorstel.
 
2. Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van het in lid 1 bedoelde oordeel de juistheid daarvan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats wanneer de meerderheid der vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.
3. Voorzover de statuten of de wet niet anders bepalen, worden alle besluiten van de algemene vergadering genomen met volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen.
4. Blanko stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht.
5. Indien bij een verkiezing van personen niemand de volstrekte meerderheid heeft verkregen, heeft een tweede stemming, of in geval van een bindende voordracht, een tweede stemming tussen de voorgedragen kandidaten plaats. Heeft alsdan wederom niemand de volstrekte meerderheid verkregen, dan vinden herstemmingen plaats, totdat hetzij één persoon de volstrekte meerderheid heeft verkregen, hetzij tussen twee personen is gestemd en de stemmen staken.
Bij gemelde herstemmingen (waaronder niet is begrepen de tweede stemming) wordt telkens ge-stemd tussen de personen, op wie bij de voorafgaande stemming is gestemd, evenwel uitgezon-derd de persoon,op wie bij die voorafgaande stemming het geringste aantal stemmen is uitgebracht.
Is bij die voorafgaande stemming het geringste aantal stemmen op meer dan één persoon uitgebracht,  dan wordt door loting uitgemaakt op wie van die personen bij een nieuwe stemming geen stemmen meer kunnen worden uitgebracht.
Ingeval bij een stemming tussen twee personen de stemmen staken beslist het lot wie van beiden is gekozen.
6. Indien de stemmen staken over een voorstel, niet rakende de verkiezing van personen, dan is het voorstel verworpen.
7. Alle stemmingen geschieden mondeling, tenzij de voorzitter een schriftelijke stemming gewenst acht of de meerderheid van de aanwezige stemgerechtigde leden zulks vóór de stemming verlangt.
Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende, gesloten briefjes.
Besluitvorming bij acclamatie is mogelijk, tenzij de meerderheid van de aanwezige stemgerechtigde leden hoofdelijke stemming verlangt.
8. Een éénstemmig besluit van alle leden, ook al zijn deze niet in een vergadering bijeen, heeft, mits met voorkennis van het bestuur genomen, dezelfde kracht als een besluit van de algemene vergadering.
9. Zolang in een algemene vergadering alle leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn, kunnen geldige besluiten genomen worden mits met algemene stemmen omtrent alle aan de orde komende onderwerpen - dus mede een voorstel tot statutenwijziging of tot ontbinding - ook al heeft geen oproeping plaatsgehad of is deze niet op de voorgeschreven wijze geschied of is enig ander voorschrift omtrent het oproepen en houden van vergaderingen of een daarmee verband houdende formaliteit niet in acht genomen.

Artikel 15. - BIJEENROEPING ALGEMENE VERGADERING
1. De algemene vergaderingen worden bijeengeroepen door het bestuur.
De oproeping geschiedt schriftelijk aan de adressen van de leden, volgens het ledenregister, als bedoeld in artikel 5.
De termijn voor de oproeping bedraagt tenminste tien dagen.
2. Bij de oproeping worden de te behandelen onderwerpen vermeld, onverminderd het bepaalde in artikel 21.

Artikel 16. - BESTUUR
1. Het bestuur bestaat uit tenminste drie meerderjarige personen, die door de algemene vergadering worden benoemd. De benoeming geschiedt uit de leden. Verkiesbaar tot bestuurslid zijn alleen seniorleden en ereleden, alsmede leden van verdiensten.
Niet verkiesbaar tot bestuurslid zijn belanghebbenden bij de tennissport tenzij volgens de reglementen van de K.N.L.T.B. dispensatie is verleend.
2. Benoeming van bestuursleden geschiedt uit één of meer bindende voordrachten, behoudens het bepaalde in lid 3. Tot het opmaken van zulk een voordracht zijn bevoegd, zowel het bestuur als tenminste tien leden der vereniging.
De voordracht van het bestuur wordt bij de oproeping voor de jaarvergadering medegedeeld. Een voordracht door tien of meer leden, moet uiterlijk twee en zeventig uur vóór aanvang van de jaarvergadering schriftelijk bij het bestuur worden ingediend.
3. Aan elke voordracht kan het bindend karakter worden ontnomen door een met tenminste twee-derde van de geldig uitgebrachte stemmen genomen besluit van de algemene vergadering, genomen in een jaarvergadering, waarin tenminste twee/derde van de leden tegenwoordig of vertegenwoordigd is.
 
4. Is geen voordracht opgemaakt, of besluit de algemene vergadering overeenkomstig het bepaalde in lid 3, aan de opgemaakte voordrachten het bindend karakter te ontnemen, dan is de algemene vergadering vrij in haar keuze.
5. Indien er meer dan één bindende voordracht is, geschiedt de benoeming uit die voordrachten.

Artikel 17. - EINDE BESTUURSLIDMAATSCHAP-PERIODIEKE LIDMAATSCHAP-SCHORSING
1. Elk bestuurslid, ook wanneer hij voor een bepaalde tijd is benoemd, kan te allen tijde door de algemen vergadering worden ontslagen of geschorst.
Een schorsing, welke niet binnen drie maanden gevolgd wordt door een besluit tot ontslag, eindigt door het verloop van die termijn.
2. Elk bestuurslid treedt uiterlijk drie jaar na zijn benoeming af, volgens een door het bestuur op te maken rooster van aftreding; de aftredende is herkiesbaar, wie in een tussentijdse vakature wordt benoemd, neemt op het rooster de plaats in van zijn voorganger.
3. Het bestuurslidmaatschap eindigt voorts:
a. door het eindigen van het lidmaatschap van de vereniging;
b. door bedanken.

Artikel 18. - BESTUURSFUNKTIES - BESLUITVORMING VAN HET BESTUUR
1. De voorzitter wordt door de algemene vergadering in funktie gekozen, de overige bestuursfunkties worden door de gekozenen in onderling overleg verdeeld.
Het bestuur kan voor elk hunner uit zijn midden een vervanger aanwijzen.
Een bestuurslid kan meer dan één funktie bekleden.
2. Van het verhandelde in elke bestuursvergadering worden door de secretaris of diens vervanger notulen opgemaakt, die door de voorzitter of diens vervanger en de secretaris of diens vervanger worden vastgesteld en ondertekend.
In afwijking van hetgeen de wet dienaangaande bepaalt, is het oordeel van de voorzitter of diens vervanger omtrent de totstandkoming en de inhoud van een bestuursbesluit niet beslissend.
3. Bij huishoudelijk reglement kunnen nadere regelen, aangaande de vergadering van en de besluitvorming door het bestuur, worden gegeven.

Artikel 19. - BESTUURSTAAK - VERTEGENWOORDIGING
1.  Behoudens de beperkingen volgens de statuten, is het bestuur belast met het besturen van de vereniging.
2. Indien het aantal bestuursleden beneden drie is gedaald, blijft het bestuur bevoegd. Het bestuur is echter verplicht binnen drie maanden na het ontstaan van de vacature, een algemene vergadering te beleggen, waarin de voorziening in de open plaats of de open plaatsen aan de orde komt.
3. Het bestuur is bevoegd onder zijn verantwoordelijkheid bepaalde onderdelen van zijn taak te doen uitvoeren door commissies, welke door het bestuur worden benoemd.
4. Het bestuur is, mits met goedkeuring van de algemene vergadering, bevoegd tot het sluiten van overeenkomsten tot het kopen, vervreemden of bezwaren van registergoederen, het sluiten van overeenkomsten, waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een derde verbindt.
Op het ontbreken van deze goedkeuring kan door en tegen deden géén beroep worden gedaan.
5. Het bestuur behoeft eveneens goedkeuring van de algemene vergadering voor besluiten tot:
I. onverminderd het bepaalde onder II, het aangaan van rechtshandelingen en het verrichten van investeringen, voor zover liggende buiten de reeds goedgekeurde begroting van het lopende verenigingsjaar.
II. a. het aangaan van overeenkomsten, waarbij aan de vereniging een bankkrediet wordt verleend;
b. het ter leen verstrekken van gelden, alsmede het ter leen opnemen van gelden, waaronder niet is begrepen het gebruikmaken van een aan de vereniging verleend bankkrediet;
c. het aangaan van dadingen;
d. het optreden in rechte, waaronder begrepen het voeren van arbitrale procedures, doch met uitzondering van het nemen van conserva¬toire maatregelen, en van het nemen van die rechtsmaatregelen, die geen uitstel kunnen lijden.
Op het ontbreken van van deze goedkeuring kan door en tegen derden geen beroep worden gedaan.
6. Het bestuur is bevoegd tot:
a. het huren, verhuren of op andere wijze in gebruik of genot verkrijgen en geven van onroerende goederen;
b. het sluiten en wijzigen van arbeidsovereenkomsten.
 
7. De vereniging wordt in en buiten rechte vertegenwoordigd door de voorzitter (of vice-voorzitter) tezamen met de penningmeester dan wel de secretaris tezamen met de penningmeester.

Artikel 20. - JAARVERSLAG-REKENING EN VERANTWOORDING
1. Het verenigingsjaar loopt van één januari tot en met één en dertig december.
2. Het besuur is verplicht van de vermogenstoestand van de vereniging zodanig aantekening te houden, dat daaruit te allen tijde haar rechten en verplichtingen kunnen worden gekend.
3. Het bestuur brengt op een algemene vergadering binnen zes maanden na afloop van het verenigingsjaar, behoudens verlenging van deze termijn door de algemene vergadering, zijn jaarverslag uit en doet, onder overlegging van een balans en een staat van baten en lasten, rekening en verantwoording over zijn in het afgelopen kalenderjaar gevoerd bestuur.
Na verloop van deze termijn kan ieder lid deze rekening en verantwoording in rechte van het bestuur vorderen.
4. De algemene vergadering benoemt jaarlijks uit de leden een commissie van tenminste twee personen, die geen deel mogen uitmaken van het bestuur.
Deze commissie onderzoekt de rekening en verantwoording van het bestuur en brengt aan de algemene vergadering verslag van haar bevindingen uit.
5. Vereist het onderzoek van de rekening en verantwoording bijzondere boekhoudkundige kennis, dan kan de commissie van onderzoek zich door een deskundige doen bijstaan. Het bestuur is verplicht aan de commissie alle door haar gewenste inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden te vertonen en inzage van de boeken en bescheiden der vereniging te geven.
6. De last van de commissie kan te allen tijde door de algemene vergadering worden herroepen, doch slechts door de benoeming van een andee commissie.
7. Het bestuur is verplicht de bescheiden, bedoeld in de leden 2 en 3, tien jaren lang te bewaren.

Artikel 21. - STATUTENWIJZIGING
1. In de statuten van de vereniging kan geen verandering worden gebracht, dan door een besluit van de algemene vergadering waartoe is opgeroepen met de mededeling, dat aldaar wijzigingen van de statuten zullen worden voorgesteld. De termijn van oproeping tot een zodanige vergadering bedraagt tenminste tien dagen.
2. Zij, die de oproeping tot de algemene vergadering ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging hebben gedaan, moeten tenminste zeven dagen vóór de vergadering een afschrift van dat voorstel, waarin de voorgestelde wijziging woordelijk is opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage leggen tot na afloop van de dag, waarop de vergadering wordt gehouden. Bovendien wordt een afschrift als hiervoor bedoeld, aan alle leden toegezonden.
3. Een besluit tot statutenwijziging behoeft tenminste twee/derde van de geldig uitgebrachte stemmen, in een vergadering waarin tenminste twee/derde van de leden tegenwoordig of vertegenwoordigd is. Is niet twee/derde van de leden tegenwoordig of vertegenwoordigd, dan wordt binnen vier weken daarna een tweede vergadering bijeengeroepen en gehouden, waarin over het voorstel, zoals dat in de vorige vergadering aan de orde is geweest, ongeacht het aantal tegenwoordige of vertegenwoordigde leden, kan worden besloten, mits met een meerderheid van tenminste twee/derde van de geldig uitgebrachte stemmen.
4. Een besluit tot wijziging van de statuten behoeft de goedkeuring van het bestuur van de KNLTB en een dergelijke statutenwijziging treedt niet eerder in werking dan nadat hiervan een notariële akte is opgemaakt. Tot het doen verlijden van die akte is ieder bestuurslid bevoegd.

Artikel 22. - ONTBINDING
1. De vereniging kan worden ontbonden door een besluit van de algemene vergadering. Het bepaalde in de leden 1,2 en 3 van het voorgaande artikel is van overeenkomstige toepassing.
2. Het batig saldo na vereffening vervalt aan degenen, die ten tijde van het besluit tot ontbinding lid waren. Ieder hunner ontvangt een gelijk deel. Bij het besluit tot ontbinding kan echter ook een andere bestemming aan het batig saldo worden gegeven.

Artikel 23. - HUISHOUDELIJK REGLEMENT
1. De algemene vergadering kan een huishoudelijk reglement vaststellen.
2. Het huishoudelijk reglement mag niet in strijd zijn met de Wet, ook waar die geen dwingend recht bevat, noch met de statuten.